Het is nog stikdonker als zoonlief onze slaapkamer binnen sluipt om 7 uur. Alleen twee flikkerende schermpjes verlichten de ruimte. Papa en mama grepen bij het wakker worden meteen naar hun smartphone. Zoonlief nestelt zich tussen ons om mee het mobiele nieuws te volgen. Waar we voor vreesden, lijkt waarheid te worden. Amerika lijkt zijn nieuwe president te hebben gekozen.

Die middag in de wagen. Zoonlief en ik zijn onderweg naar huis. Het is bumperen, we raken maar met een slakkengangetje vooruit. Tijd genoeg om ons te concentreren op de bus die vlak voor ons rijdt. Op de achterruit prijkt een kleurige ad. Zoonlief leest de headline (met een beetje hulp van mama) hardop: ‘Work in a call center, or love it @ *******.’ Hij herkent de naam van onze telecomprovider en probeert de tekst op de juiste manier te interpreteren. Gelukkig helpt de visual hem daar geweldig bij.

Het was een ongewoon zicht, enkele weken geleden. Tijdens een wandeling door ons provinciestadje passeerden we het stadhuis. Dat was voor de helft aan het oog onttrokken door de talrijke nieuws- en satellietwagens op het plein ervoor. Journalisten en fotografen met imposante telelenzen hadden strategisch positie genomen op de tegenoverliggende terrasjes, wachtend op een witte rookpluim of een glimp van een of ander bekend gezicht. Zoonlief was even onder de indruk van de ongewone setting. ‘Is hier misschien een moord gebeurd?’ reageerde hij opgewonden.

Eén blik op onze borden zegt genoeg. Samen met mijn gezinnetje geef ik me over aan de dolce far niente in de Italiaanse truffelstreek. De legendarische (witte) truffel domineert hier enkele weken mijn menu. Zoals net. De huisgemaakte pasta met smeuïge truffelsaus die de patron me voorschotelt aan ons tafeltje op de stadswallen: het is een klassieker waar ik elk jaar naar uitkijk. Restjes maken dan ook geen kans. Alle truffelsmaken worden vakkundig opgelepeld.

Het was in Leuven dat ik voor de eerste keer van hem hoorde. Ik zie het nog zo voor me. Ergens redelijk vooraan in mijn gigantische cursus economie, op een linker bladzijde. Daar stond hij, de grafiek die de stelling van mijn vriend Carl Friedrich Gauss illustreert. Alhoewel, mijn vriend? Op dat moment koesterde ik niet zo’n warme gevoelens voor het Duitse wiskundige genie.

Een vriendin van mij is een echte netwerk pro. Ze schuimt netwerkvloeren af zoveel ze kan. En ze heeft er nog plezier in ook. Haar hardnekkige (en laat ons eerlijk zijn: vooral moedige) pogingen om mij mee te krijgen, waren tot nu toe weinig succesvol. Voornamelijk omwille van een drukke agenda. Maar ik moet stiekem toegeven: soms komt die drukke agenda me toevallig iets beter uit. (Sorry lieverd.)

‘Hallo, hallo, hallo! Henk hier! Ik ben blij je te horen! Ik probeer je al een hele tijd te pakken te krijgen. Maar eindelijk is het dan toch gelukt!’ Ik sta een beetje verbouwereerd met de telefoon in mijn hand. Het enthousiasme aan de andere kant van de lijn is overweldigend. Helaas is het geluksgevoel niet helemaal wederzijds. De enige Henk die ik ken heeft Cowboy als voornaam. Pas als hij de naam van mijn telecomprovider noemt, begint het me te dagen.

Avengers. Het is hier al wat de klok slaat. En het wordt er niet beter op tijdens de pakjesvriendelijke decemberdagen. Ons huisje barst bijna uit zijn voegen van de Lego-packs en Infinity-figurines. De kleurrijke superhelden domineren alle grote en kleine schermen in huis. Maar de adoratie gaat nog veel verder dan dat.