Wat authenticiteit voor je doet: een les in ondernemen van Daan Stuyven

Fan van Daans muziek kan je me niet noemen. En voor alle duidelijkheid, ik schrijf dit onder luide verontwaardiging van manlief (‘Komaan, schat! Dead Man Ray!’). Ik vind zijn nummers gewoon OK. Gelukkig maar, gezien de lichtgrijze status die ze stuk voor stuk verwerven bij zichzelf respecterende radiostations. Maar écht fan? Nee dus.

Daans naam op de affiche van de laatste Creative Ville – een Flanders DC-event voor ondernemende creatievelingen – bracht me dus niet meteen in extase. De concurrentie met andere interessante aanwezige koppen was dan ook behoorlijk hard.

Zoals die van Eric Van Looy. Een regisseur annex presentator die van zijn schalkse klunzigheid handig zijn handelsmerk maakte. Het aanwezige publiek kon hem die dag in elk geval smaken. Van Looy kreeg instant de zaal op zijn hand. Zoals te verwachten. Het was een plezant en vinnig gesprek met moderator en journalist Tim Verheyden daar op het hoofdpodium.

A Mess

’t Is gebeurd. Dat was mijn gevoel toen Verheyden de babbel met Van Looy afrondde en Daan Stuyven introduceerde op de sofa. Tijd om me even te ontspannen en Twitter te checken. Tenminste, dat dacht ik.

Daans eerste momenten op het podium bevestigden mijn inimini-anti-climax-gevoel. Hij straalde pure onzekerheid uit. Het was overduidelijk dat hij zich oncomfortabel voelde op het strakke zitmeubel, waar hij tevergeefs leek te speuren naar donzige kussens om in onderuit te zakken.

Zijn optreden had iets fragiel. Hij meed angstvallig oogcontact met het publiek. Vertoonde een zichtbare tremor in beide handen en sprak met een rauwe stem. De irritante storing op zijn hoofdmicrofoontje dat langs zijn stoppelbaard-van-enkele-dagen schuurde, versterkte het plaatje nog eens. Een player, die Daan? Op dat moment leek de naam van zijn meest recente album The Mess minder ver gezocht.

Hoe ondernemen rock ‘n roll is

De rebelse Daan en ‘professioneel ondernemen’ lijken op het eerste zicht geen logische match. Maar bleek dat een meevaller! Daans levensverhaal-in-een-notendop illustreerde levendig zijn pure kijk op ondernemen en samenwerken met mensen.

Hoe hij aan een opleiding grafische vormgeving begon, ‘omdat je op je 19 toch niet kan stoppen met school’. En ‘omdat je toch geen carrière kan uitbouwen als artiest’. (Een rocker met een diploma op zak, is dat op zich al geen gat in de markt?)

Hoe hij nu actief is in de muziekindustrie als designer van (blijkbaar award-winning) cd-hoezen. Hoe hij altijd kiest voor kwaliteit boven kwantiteit. Waarvoor hij het allemaal doet: gewoon een gelukkig leven. Hoe succes nooit komt als een big bang, maar een lange vervaarlijk kronkelende weg is. En zijn eigenzinnige kijk op zijn muzikale doorbraak: ‘Het was een beetje zoeken naar het gat in de markt. En als ik dat niet vond, had ik wel een kanon gepakt.’

Wijsheden vloeiden als oneliners uit zijn mond. Zelfs Van Looy zat met open mond te luisteren. Bij momenten was Daan dan ook subliem.

Zoals toen hij een niet zo bescheiden vraag kreeg uit het publiek (er zijn altijd durvers die hun 15 seconden roem met bravure claimen) over de vermeende té grote bescheidenheid van Vlaamse creatievelingen. Een vraag die hij losjes counterde met een ‘Bescheidenheid is een vorm van intelligentie’.

Bescheidenheid is een vorm van intelligentie.

Hoe noem je dat precies? Als je kritiek zo kan verpakken dat je gesprekspartner het enthousiast opneemt als een compliment? Is dat tact? Of gewoon genialiteit? In elk geval, Daan had intussen al lang mijn hart gestolen.

Gephotoshopt succesbeeld

Maar de meeste indruk maakte Daan met zijn doodeerlijke bekentenis over zijn moeilijke momenten. ‘Op een dag stond ik aan de kassa van de Delhaize en moest ik de pampers terug zetten, omdat ik ze niet kon betalen. Ik ben dan direct naar huis gegaan en heb me achter mijn piano gezet om een hit te schrijven.’

Hoe ontwapenend is dat? Een ‘vedette’ die niet hardnekkig het gephotoshopte beeld van succes ophangt (een kunst die hij als vormgever toch aardig onder de knie heeft). De arrogantie waarvan ik Daan vroeger verdacht, viel als een onhandige dekmantel van hem af. Nooit gedacht, maar Daans interview werd een van de hoogtepunten van mijn dag. En van velen rond mij merkte ik.

Intussen bekijk ik Daan met andere ogen. En mogen zijn nummers al eens luider door het huis galmen. Wat Daans authentieke aanpak deed met mij … Damn. Stel je voor dat je dat lukt als ondernemer.

Chirurgisch strakgetrokken façade

Hoe interessant zou het zijn als ondernemingen niet altijd een chirurgisch strakgetrokken façade op zouden trekken. Als ze op zo’n kwetsbare manier zouden durven communiceren. Echte verhalen vertellen over mindere periodes. Foute beslissingen. Werkpunten.

Waarom is corporate communicatie altijd zo hyperpositief? Waarom worden mindere punten krampachtig verborgen of op een irritant ongeloofwaardige manier omgebogen naar iets positief? Waarom klinkt corporate communicatie zo plastiek? Waarom heeft niemand het lef om te zeggen: ‘Sorry. We zaten fout, maar we doen er alles aan om de situatie recht te trekken.’

Zijn dat niet net de waarden die wij ons nageslacht meegeven? En is dat niet de enige aanpak die ook daadwerkelijk wérkt?

Authenticiteit rocks!

Want het ding is: ‘zwaktes’ werken niet noodzakelijk in je nadeel. Ze kunnen ook vóór je werken. Ze maken je écht. Herkenbaar. Zodat je publiek makkelijker een connectie met je maakt. Want weet je. Klanten doorprikken moeiteloos commerciële praatjes. Ze voelen het aan of je echt bent of niet. Hun buikgevoel haalt altijd de bovenhand.

Door een authentieke aanpak verlies je geen klanten. Integendeel.

Door authenticiteit transformeer je moeiteloos je zwaktes naar sterktes. Want het is net in die mindere momenten dat je het verschil maakt. Dat je harten wint en fans maakt van je klanten. Net zoals Daan dat deed bij mij.